Een belangrijke schakel tussen de bestaande Inntal‑spoorlijn en de toekomstige Brennerbasistunnel. Een verbinding tussen Rotterdam en Zuid‑Europa. In de periode van 1989 en 1992 werd de Inntaltunnel geboord door een meer dan lastige steensoort Innsbrucker Quarzphyllit. Een mix van schisten, kalkphyllieten en grünschiefer die constant veranderde en continu geologisch toezicht vereiste. Het eerste deel van de tunnel, +/- 19 km lang, werd in 1994 in gebruik genomen. Maar de echte uitdaging zat niet in de rots, die zat in de toekomst. Tijdens, maar vooral voor de bouw, werd er nagedacht over hoe het in de toekomst verder moest en bouwde ze een gigantisch zijtakspoor bijna een station van 550 meter in de berg, en die toekomst is nu.
Rotterdam is rechtstreeks gekoppeld aan Hall
Vooruitziende blik kan je de Oosterijkers niet ontzeggen. Ze bouwde een ondergronds knooppunt waar de Brennerbasistunnel op aangesloten wordt. Voor Rotterdam betekent dat een directe, maar vooral snellere verbinding met Italië. De EU ziet de spoorverbinding Rotterdam – Duisburg – München – Innsbruck – Verona als een kernspoorverbinding binnen TEN‑T. TEN-T staat voor Trans‑Europese Transportnetwerk: het grote Europese infrastructuurnetwerk dat alle belangrijke spoorlijnen, wegen, havens, binnenwateren, luchthavens en logistieke knooppunten met elkaar verbindt. Het is het officiële EU‑programma dat bepaalt welke internationale verbindingen worden gebouwd, verbeterd en gefinancierd. De tunnel bij Hall is een van de projecten die deze spoorverbinding toekomstbestendig maakt. In 1989 al plannen om in 2032 een snelle verbinding te realiseren tussen Rotterdam en grote steden, Verona, Bologna, Milaan, Trieste in Italië. De tunnel is dan 64 km lang. Het gebied rond Innsbruck is een structurele bottleneck: veel bochten, hellingen en snelheidsbeperkingen. De tunnel bij Hall zorgt voor: hogere snelheden, minder conflicten met regionaal verkeer, minder vertragingen en meer capaciteit voor lange goederentreinen (tot 740 m). Dit sluit perfect aan op Rotterdamse investeringen zoals Maasvlakte Zuid, dat juist zulke lange treinen mogelijk maakt.

De Brennerspoorverbinding wordt een hogesnelheids-goederenas
Met de Brennerbasistunnel (open in 2032) wordt de reistijd tussen Innsbruck en Bolzano meer dan gehalveerd. Dat betekent ook: kortere transittijden voor Rotterdamse lading, hogere betrouwbaarheid, minder kosten per container en een aantrekkelijker spoorproduct voor verladers. De tunnel bij Hall is een noordelijke toegangspoort tot dit nieuwe deel van Europa waar Rotterdam een snellere toegang krijgt met vele mogelijkheden.
Hoe beter Hall functioneert, hoe sterker Rotterdam staat in het Europese achterland. Dat betekent voor de Rotterdam/Maasvlakte: Meer treinen per dag richting Zuid‑Europa, minder vertragingen op het traject na Duitsland, lagere kosten per ton door hogere betrouwbaarheid, grotere concurrentiekracht tegenover havens als Hamburg en Trieste.
Directe koppeling met de groeiende containerstromen (APMT MVII, RWG, Euromax). Rotterdam investeert zelf al in extra capaciteit (zoals Emplacement Maasvlakte Zuid). De tunnel bij Hall zorgt dat deze extra capaciteit ook daadwerkelijk benut kan worden richting Zuid‑Europa.

Kortom: Hall is een cruciale schakel in de Europese ruggengraat waar de Maasvlakte op draait. En in die omgeving, met uitzicht op de tunnelbuis, gaan we al jaren op vakantie zonder te beseffen hoe belangrijk deze tunnel is/wordt voor Rotterdam.
Er zijn plekken in Europa waar je het belang voor Rotterdam niet direct ziet. Geen containers, geen terminals, geen Betuweroute. Soms is het een klein stadje in Tirol, verscholen tussen bergen, waar een tunnel onder en door de berg meer invloed heeft op de Maasvlakte dan men ooit zou vermoeden. Hall in Tirol is zo’n plek.


Foto’s van het nu reeds in gebruik zijnde deel van de tunnel. Nabij de ingang is een containerdorp gebouwd met veel mogelijkheden voor de bouwers om zich te amuseren in de uren die ze vrij zijn.
